maandag, januari 15, 2018

muzikaal reisje langs de kaap


Een muzikaal reisje langs de Westkaap van Zuid-Afrika met het 'Khayelitsha United Mambazo Choir' samen met de Xhosa-zangeressen Lungiswa Plaatjies en Nomapostile Nyiki en de Afrikaanse rapper Jitsvinger. Dat leek mij wel wat, lekker onderuitgezakt in een comfortabel theaterstoeltje genieten van opzwepende ritmes, afgewisseld met fraaie ingetogen nummers uit een gebied dat bekend staat om zijn rijkdom aan talen, culturen en tradities. Ik las dat de cast zou worden begeleid door Dionys Breukers, een Nederlandse multi-instrumentalist, en dat de 'South African Road Trip-Celebrating Life', de titel van de voorstelling, zich zou afspelen tegen een podiumbreed video-decor met relevante filmbeelden over en van de Westkaap. Dat beloofde allemaal wat, vol verwachting klopte mijn hart!

Allerlei Zuid-Afrikaanse nummers kwamen in de ongeveer anderhalf uur durende voorstelling voorbij. Ik heb mij geen moment verveelt, prachtige nummers in wisselende bezetting, de ene keer uitbundig en aanstekelijk, de andere keer ingetogen en breekbaar. Allemaal tegen een achtergrond waarop Zuid-Afrikaanse beelden, citaten en soms vertalingen van de zang werden vertoond. Mooi gedaan allemaal!

En toch miste ik iets in de voorstelling. Mogelijk dat mijn plek in theater Veluvine er enigszins debet aan was. Ik zat hoog en aardig ver van het podium af, want behalve dat ik de teksten vaak niet verstond, waren de citaten en vertalingen op het podiumbrede video-decor voor mij ook vaak moeilijk leesbaar. Echter deze feiten vormden denk ik niet de hoofdzaak van mijn kritiek. Want de muziek vond ik niet alleen van hoog niveau maar ook goed invoelbaar, en dat is heel wat als je de tekst niet kan verstaan. Celebrating Life, ofwel het leven vieren is een nogal breed begrip. In de Westkaap van Zuid-Afrika, bekend om zijn rijkdom aan talen, culturen en tradities, zal toch ergens een rode draad lopen, een soort van groots gemene deler. Daar was ik benieuwd naar, maar ondanks dat rapper Jitsvinger op zijn manier zang en muziek af en toe in een context plaatste, heb ik die niet kunnen ontdekken. Ik vond 'South African Road Trip-Celebrating Life' uiteindelijk een mooie, maar summiere en moeilijk te duiden mix van van alles wat!


South African Road Trip - Celebrating Life from E Veldkamp on Vimeo.

donderdag, januari 11, 2018

Volvo Ocean '17/'18: posities


Toen Cornelis (Conny) van Rietschoten (1926-2013) in 1977 meedeed aan de Whitbread, de grootste zeilrace ter wereld was hij 51 jaar oud. Met het familiebedrijf Van Rietschoten en Houwens, een elektrotechnisch ingenieursbureau, had hij toen fortuin gemaakt. Zo kon hij met eigen geld en een weloverwogen programma van eisen de tweemaster 'Flyer I' laten bouwen bij Royal Huisman in Vollenhove, naar een ontwerp van Sparkman & Stephens. Hij was aanvankelijk een outsider in het wedstrijdveld, niemand hield rekening met de onbekende Nederlander. Maar dat veranderde door de prestaties van Conny en zijn crew snel. Hij won de Whitbread 1977-1978 op handicap. En toen hij met de 'Flyer II' de Whitbread 1981-1982 won op alles, kon zijn naam niet meer stuk in het wereldje van zeezeilers.



De 'Flyer I' was voor zijn tijd een moderne boot, gebouwd van aluminium, lang en slank en met een geknepen kont. De boot moest goed zijn, maar vooral ook goed getest. De 'Flyer I' met een totale lengte van 20,85 meter en een diepgang van 3,15 meter, had al 10 duizend mijl onder de kiel toen hij aan de start verscheen. Het was omwille van gewichtsbesparing een kale boot, maar had desalniettemin voldoende ruimte en comfoor voor de crew om uit te rusten. Vergeleken met de racemonsters in de Volvo Ocean, de huidige naam van de grootste zeilrace ter wereld, was de 'Flyer I' met zijn opbollende spinnakers, luxe hutten en een maximale snelheid van 14 knopen maar zwaar en log. De huidige schepen van flinterdun carbon hebben die luxe allang niet meer, ze hebben meer weg van een met boegspriet uitgevoerde surfplank van totaal 22,14 meter en een kantelkiel van ca. 4,50 meter. Ware racemonsters, er zijn snelheden gemeten van 42 knopen, ofwel 77,78 km/h, onvoorstelbaar!



Maar als er geen wind is, zijn ook de racemonsters niet vooruit te branden. Momenteel varen ze van Melbourne naar Hong Kong en dobbert de vloot rond de evenaar ergens ten noordoosten van de Solomon Islands. Vooruit wil niet erg, maar branden des te meer, geen benijdenswaardige positie. Storm is niet leuk, maar zo'n dobberpartij in de tropische hitte is veel erger. Ik vond een paar uur dobberen op het IJsselmeer tijdens een flauwte bij 25º C al een kwelling van formaat!

dinsdag, januari 09, 2018

Buitengewone landschappen.


Afgelopen zondag nog op de valreep 'HORTUS' gezien. Een tentoonstelling in 'Kasteel Het Nijenhuis' in Heino/Wijhe over het werk van de Leipziger kunstenaar Markus Matthias Krüger (1981). Buitengewone landschappen door de mens gevormd, maar geen mens te zien. Bizarre, verstilde en vaak verontrustende scènes, magisch realistisch werk haast. Bomen die door daken groeien, planten die huizen overwoekeren en vuur dat de boel in lichterlaaie zet. Werk dat me ook vaak deed denken aan werk van de Amerikaanse kunstschilder Edward Hopper (1882-1967). Alles strak en heel fijn geschilderd, er gebeurt ogenschijnlijk weinig of niets, maar dat is schijn, er gebeurt juist heel veel. Markus Matthias Krüger weet op de één of andere manier de meest bizarre sferen haarfijn op het doek te vertolken. Dat doet hij perfect, schilderen kan hij in mijn ogen als de beste!

zaterdag, januari 06, 2018

over constructivistische kunst


We zijn onlangs naar een tentoonstelling geweest in Museum Belvédère in Heerenveen-Oranjewoud. Een tentoonstelling over constructivisme en de relaties en verbanden in die stroming tussen Belgische en Nederlandse kunstenaars in met name de eerste periode van het interbellum d.w.z. in de twintiger jaren van de vorige eeuw. De grote belangstelling die in Nederland uitgaat naar 'De Stijl' en kunstenaars als Piet Mondriaan (1872-1944), Theo van Doesburg (1883-1931) en Bart van der Leck (1876-1958) doet wel eens vergeten dat er ook andere brandhaarden van ‘nieuwe kunst’ waren. Juist in het Stijljaar 2017 vestigt Museum Belvédère naar eigen zeggen daarom voor het eerst de volle aandacht op de relaties tussen de z.g. 'zuivere beelding' in België en het 'constructivisme' in Noord-Nederland.
In de relaties tussen beide landen hebben de tijdschriften 'Het Overzicht' en 'De Driehoek' een belangrijke rol gespeeld. Onder aanvoering van redactieleden Jozef Peeters (1895-1960) en Michel Seuphor (1901-1999) bracht het kunstenaars samen uit Nederland en Vlaanderen. Onder hen bevonden zich Wobbe Alkema (1900-1984), Karel Maes (1900-1974), Jan van der Zee (1898-1988), Victor Servranckx (1897-1965) en Carel Willink (1900-1983). De tentoonstelling 'Constructivistische Verbanden' omvat werk en documenten van deze kunstenaars, maar ook van onder meer: Jozef Peeters, Felix de Boeck (1898-1995), Hendrik Werkman (1882-1945) en Thijs Rinsema (1877-1947). Een mooie, maar ook bijzondere tentoonstelling!

donderdag, januari 04, 2018

ark van Noach op drift in Urk


Pijpenstelen heeft het gisteren geregend, mijn terras stond een tijdlang helemaal blank. Ik was even bang dat onze lieve heer weer tot een grote schoonmaak was overgegaan, omdat hij weer eens ontevreden was over ons gedrag alhier. Maar dat viel gelukkig mee, hoewel de ark van Noach, die oerlelijke in 2006 ergens in Noord-Holland door een godsdienstwaanzinnige malloot gebouwde pieremachochel, zichzelf in Urk al van de kade had los gerukt, en op eigen houtje was gaan varen. Erg ver kwam ze niet, er lagen nog teveel obstakels op haar route, maar stel je eens voor dat het was blijven regenen. Het is denkbaar dat de ark dan nu ergens op de Vaalserberg op betere tijden lag te wachten.

maandag, januari 01, 2018

mijn notoir hypocriete gnoom


Bovenstaande strip vind ik nou een mooi staaltje van wrange humor. Sigmund, die hypocriete gnoom van een psychiater krijgt eens een keer een koekje van eigen deeg. Altijd steekt hij de draak met zijn patiënten, maar nu zitten ze die akelige zielknijper zelf een keer op de huid, hij weet niet hoe snel hij binnen komen moet. Dat ze hem met vuurwerk bekogelen is uiteraard minder mooi, het is solliciteren naar een vuurwerkverbod. Maar aan de andere kant zal de traumatische ervaring hem hopelijk leren, om zijn wrange en cynische commentaren op de wereld om hem heen in het nieuwe jaar eens wat te temperen. Hoewel, misschien toch ook maar liever niet, de strip zou er ongetwijfeld een stuk saaier van worden!

zondag, december 31, 2017

een oudejaarsdag als vanouds


Op oudejaarsdag eten we als vanouds vaak zelfgebakken oliebollen en appelflappen of appelbeignets, dat chiquer klinkt. Tegenwoordig bakken we ze nog met mondjesmaat, als we ze al bakken, maar dat was vroeger wel anders. Mijn oma bakte een grote keulse pot tot aan de rand toe vol met oliebollen, liefhebbers zat. Aan haar fornuis kon ik zelfs halverwege januari nog terecht voor een lekker opgewarmd oliebolletje met basterdsuiker. Een mooie tijd, een tijd waar ik omstreeks de jaarwisseling vaak aan terugdenk. Niet alleen om de oliebollen, maar ook om alles daar omheen. De mensen van toen en de gezellige woonkeuken met de grote schouw waarin het met hout of turf gestookte fornuis stond waar het leven omheen draaide. Behalve dat er lekker op werd gekookt en gebakken, genoot ik vooral ook van de geur en de behaaglijke temperatuur die ze verspreide.

Maar buiten was het ook vaak spannend, een zekere opwinding die kennelijk aan oudejaarsdag kleeft, voel ik nog altijd. Het hangt in de lucht, alles voelt gewoon een beetje anders op de laatste dag van het jaar. Een ander gevoel dat ook nog eens wordt versterkt door het geknal van vuurwerk. De rotjes en carbid-busjes die we toen hadden kunnen niet in de schaduw staan van het huidige knalvuurwerk, maar we genoten er ontzettend van. Mijn carbidkanon destijds was zeer bescheiden van maat, een 'Buisman koffiestroopbusje' die min of meer in mijn broekzak paste, de klap die het gaf was uiteraard navenant. Maar dat maakte niet uit, samen met vriendjes en buurjongens, die een al even bescheiden carbidkanon hadden, waren we de hele kerstvakantie fanatiek aan het knallen. En bij de smidse om de hoek waren ze niet te beroerd om ons steeds maar weer van nieuw carbid te voorzien.

Behalve in een aantal plaatsen of streken in het oosten en noorden van ons land, komt carbidschieten niet veel meer voor. Nu zie ik groepjes jongeren lopen die aan de lopende band lux knalvuurwerk in de vorm van strijkers, cobra's, kanonslagen, donderslagen, astronauten en weet ik allemaal niet wat nog meer van zich afwerpen. Als ze zich een beetje kunnen beheersen met die handel en vooral niet naar elkaar of andere mensen gooien, heb ik er geen moeite mee. Ik was niet veel anders destijds! Zelf koop ik al lang geen vuurwerk meer, maar een champagnekurk laat ik soms nog graag knallen, en helemaal vanavond rond middernacht om samen met mijn geliefden te proosten op het nieuwe jaar!

vrijdag, december 29, 2017

met meer zielen meer vreugd


Hoe meer zielen, hoe meer vreugd gold dit jaar voor ons zeker op tweede kerstdag. Met kinderen, kleinkinderen, geliefden en nieuwe geliefden met kinderen zaten we met z'n achttienen aan het kerstdiner, al is dat misschien een iets te groot woord voor een lopend buffet. Na het aperitief in de woonkamer te hebben genoten, verplaatsten we ons met z'n allen naar mijn werkruimte, die voor deze gelegenheid feestelijk met kaarsjes en schemerlicht was opgepimpt. De uitgestalde heerlijkheden die iedereen ook deze keer weer aan het jaarlijks eetfestijn bijdroeg, deed mij bij voorbaat al watertanden. En terecht, het was lekker allemaal maar bovenal bijzonder gezellig met zo'n gemêleerd groepje. En het z.g. 30 sec spel dat we na het toetje in een grote kring speelden, werd na mate het stijgen van het gehalte aan spiritualiën alsmaar vermakelijker. Uiteindelijk hebben we met koffie en een pikketanisje maar een punt achter deze onvergetelijke avond gezet. Bedankt allemaal voor jullie bijdrage en inzet!

zondag, december 24, 2017

donkere dagen voor kerstmis


Voorlopig ligt de kortste dag gelukkig weer achter ons, ook al duurde die gewoon 24 uur. Bedoeld wordt natuurlijk de periode tussen zonsopkomst en zonsondergang. Hoewel ik de zon de hele week niet gezien heb, schijnt ze afgelopen donderdag 21 december toch tussen 8.46 en 16.30 aanwezig te zijn geweest. Maar hoe dan ook, we gaan weer de goeie kant op, een feestje waard ook al gaat het nog slechts met enkele seconden per dag. Een feestje dat zelfs de oude Germanen al vierden rond de winter-zonnewende, met het verjagen van het boze en het begroeten van het licht. Later hebben de christenen dit feestje min of meer gekaapt, door de geboorte van Jezus Christus het feest van het licht te noemen. Nep nieuws of niet, het is een verhaal waar iedereen het zijne maar van denken moet, maar de metafoor laat volgens mij weinig te raden over.
Maar ik dwaal af, ik had het over de kortste dag die gelukkig weer voor een jaartje achter ons ligt. Voorlopig is het winter en zullen de dagen nog wel een poosje kort blijven ook. Maar op een tegeltje las ik ergens dat de avonden dan juist langer zijn, en dat is dan weer mooi. Lange avonden bij een knappend haardvuurtje, een goed boek of een leuke discussie met lekkere hapjes en drankjes. Gezelligheid dus, weinig op tegen, maar het gedicht 'A Winter Evening' van Georg Trakl (1887-1914) deed mij weer beseffen dat het feest van het licht niet voor iedereen vanzelfsprekend is.

A Winter Evening

When the snow falls against the window,
The evening bell rings long,
The table is prepared for nany,
And the house is well cultivated.

Some in their wanderings
Come to the gate on dark paths.
The tree of grace blooms golden
From the earth's cool sap.

Wanderer, step silently inside;
Pain has petrified the threshold.
Ther in pure radiance
Bread and wine glow on the table.

maandag, december 18, 2017

Beeld van de week; Cow & Co


Afgelopen januari deed de Urban Futures Studio een oproep aan kunstenaars, ontwerpers, architecten, schrijvers en ander creatief talent om de post-fossiele stad tot leven te wekken. Uit 250 inzendingen uit meer dan 40 landen selecteerde de jury de tien beste ideeën, die vanaf morgen 19 december tot en met vrijdag 12 januari 2018 te zien zijn in het Haagse Atrium. Cow & Co is één van de tien finalisten, een futuristisch concept van de ontwerpers Anastasia Eggers en Ottonie von Roeder.

Ik las dat het concept Cow & Co is geïntroduceerd door een groep koeien die hun eigen bedrijf willen starten. Er wordt weleens gezegd 'Zo dom als het achtereind van een koe', maar zolang die beesten een eigen bedrijf weten te starten, valt dat te bezien. Hun business concept? De koe wordt een zelfvoorzienende, melkproducerende machine die verse stadsmelk zelf naar haar klanten in de stad brengt. Het methaangas dat haar maag uitstoot, doet dienst als brandstof voor de melkrobot.

De koeien bewegen vrij in de groene gebieden van de stad. Met een online applicatie vinden klanten de dichtstbijzijnde koe. Zo zijn ze direct aangesloten op de beste melk van de stad. Superlokaal geproduceerde melk is verslavend; melk uit megastallen is niet langer aantrekkelijk voor de mens. Meer en meer koeien sluiten zich daarom aan bij Cow & Co. De koeien zorgen goed voor zichzelf, en zijn uitgerust met een welzijnssensor. Daarmee kunnen ze hun klanten beoordelen, maar voorzien ze ook de app van informatie over dokterskosten en noodzakelijk onderhoud aan de melkrobot. Aanvankelijk vind je de koeien van Cow & Co. alleen in de groene ruimtes van de stad. Maar als de koeien winst beginnen te maken kunnen ze zelf land kopen. Daarmee kunnen ze groene ruimtes aan elkaar verbinden en hun territorium beetje bij beetje uitbreiden. De stad wordt daarmee groener en stadsmelk bevindt zich altijd om de hoek. De koe houdt van rust. Hoe minder last ze hebben van menselijk geluid, hoe beter de kwaliteit van de melk. Is er uiteindelijk nog wel plek voor de mens in de stad?

Een bijzonder initiatief van die beesten. Wat mij betreft terecht 'beeld van de week' genoemd in Dr. Edmund van de Volkskrant. Nooit geweten dat koeien zo slim zijn!

donderdag, december 14, 2017

de composities van de oceaan


Dat de zee niet alleen rust en inspiratie brengt, maar ook filosofische vragen oproept, heb ik ervaren op lange zeezeiltochten. Menig componist heeft zich laten inspireren door de zee. In 'La mer' bijvoorbeeld, drie symfonische schetsen van de Franse componist Claude Debussy Debussy (1862-1918), weet hij het spel van licht, wind, golven en getijden bijzonder atmosferisch en mysterieus te verklanken. En de Duitse componist Felix Mendelssohn Bartholdy (1809-1847) laat in de openingsmaten van de ouverture 'Hebriden' de golven tegen de rotsen beuken, prachtig, ze vormen het leidmotief van de hele ouverture. En zo zijn er vele componisten die zich in de loop der tijd door de zee hebben laten inspireren.

Prachtige muziek allemaal, maar nou hoorde ik onlangs op radio 4 (beluister onderstaande opname) een stuk van een heel andere orde. Een bijzonder stuk van de jonge Nederlandse componist Stef Veldhuis, genaamd 'Music by Oceans'. Het bijzondere van 'Music by Oceans' is dat het niet over, maar door de zee is gecomponeerd! Duizenden oceaansondes wereldwijd verzamelen data die wordt gebruikt voor weersvoorspellingen en klimaatmodellen. De sondes drijven op duizend meter diepte in de oceaan en komen om de tien dagen naar het zeeoppervlak om de verzamelde gegevens via een satellietverbinding door te sturen. In 'Music by Oceans' vormen deze gegevens de basis voor muzikale elementen als toonhoogte, dynamiek en ritme.

Tot nog toe kwamen de wetenschappers met de gigantische brij aan data niet veel verder dan met het maken van fraaie plaatjes en infographic's. Ze vroegen zich af, of ze ook andere zintuigen konden gebruiken om iets uit de verworven data te halen. Of ze mogelijk iets konden horen dat ze niet konden zien. Met behulp van Stef Veldhuis zijn de verschillende oceaangegevens omgezet in muzikale klanken. Directe vertalingen, al of niet door Veldhuis aangepast, van data over temperatuur, zoutgraad, stroming e.d. van de oceanen. Composities versus wetenschap, heel bijzonder!


'Music by Oceans' from E Veldkamp on Vimeo.

maandag, december 11, 2017

spatie en woordsamenstelling


Ik heb wel eens te doen met de asielzoekers die een inburgeringscursus moeten volgen, want de Nederlandse taal is niet bepaald simpel. Op internet kwam ik onlangs de reclameslogan Konijnen bouten in zoet zure saus tegen. Dat was vorig jaar, schreef Wim Daniëls. Hopelijk gedragen de konijnen zich dit jaar beter. Prachtig, dit soort humoristische taalverwikkelingen die zich voordoen bij een foute samenstelling van twee of meer woorden die elk zelfstandig kunnen voorkomen. Denk bijvoorbeeld aan woorden als kantoortuin (kantoor + tuin) of badmuts (bad + muts). Behalve bij een samenstelling met een eigennaam, zoals bijvoorbeeld 'Tweede Kamer' of 'Albert Heijn', worden samenstellingen in het Nederlands altijd aan elkaar geschreven, om zo aan te geven dat de woorden van de samenstelling bij elkaar horen. Eventueel kan een koppelteken worden gebruikt om de opbouw van de samenstelling duidelijker te maken, maar het gebruik van een spatie in het samengestelde woord is altijd fout!

Wat te denken als je ergens leest dat ook 'tamme konijnen bouten' of dat een scharrelslager van 'zachte boeren met worst' houdt i.p.v. 'zachte boerenmetworst'. En als je in gerenommeerde kranten leest 'School mag niet gelovige sollicitante weigeren' wat wordt dan bedoeld? Mag de school een gelovige sollicitante niet weigeren of mag de school een niet-gelovige sollicitante weigeren? Ik denk het laatste, maar dat staat er niet.
Andersom lees je ook nogal eens foute samenstellingen. Wat zijn bijvoorbeeld 'nagelslakken'? Beestjes? Nooit van gehoord, tussen nagels en lakken moet natuurlijk een spatie staan. En 'Lift buitendienst i.v.m. reparatie werkzaamheden' moet denk ik 'Lift buiten dienst i.v.m. reparatiewerkzaamheden' zijn. Zo bezien is de Nederlandse taal eigenlijk een bron van vermaak!

vrijdag, december 08, 2017

kinderliedje van kat tot paard


Bij tijd en wijle hebben ze in de klassieken op radio 4 het in 1950 door de Amerikaanse componist Aaron Copland (1900-1990) gecomponeerde kinderliedje 'I Bought Me a Cat' in het repertoire. Ik luister 's morgens onder mijn werk nogal eens naar de klassieken, vaak dringt wat je hoort geeneens goed tot je door als je geconcentreerd bezig bent, maar om het gepiep en geknor in dit grappige kinderliedje kom je niet heen. Het verhaal over een gozer onder een boom die alsmaar meer dieren aanschaft die hem bevallen, eindigt min of meer met een vrouw die hem verteld dat ie niet moet zeuren.

I bought me a cat; my cat pleased me; I fed my cat under yonder tree; My cat says "fiddle eye fee"

I bought me a duck; my duck pleased me; I fed my duck under yonder tree; My duck says "Quack, quack"; My cat says "fiddle eye fee"

I bought me a goose; My goose pleased me; I fed my goose under yonder tree; My goose says "quaa quaa"; My duck says "quack quack"; My cat says "fiddle eye fee"

I bought me a hen; My hen pleased me; I fed my hen under yonder tree; My hen says "shim-my-shack" "shim-my-shack"; My goose says "quaa quaa"; My duck says "Quack, quack"; My cat says "fiddle eye fee"

I bought me a pig,; My pig pleased me; I fed my pig under yonder tree; My pig says "griffy, griffy"; My hen says "shim-my-shack"; My goose says "quaa quaa"; My duck says "Quack, quack"; My cat says "fiddle eye fee"

I bought me a cow; My cow pleased me; I fed my cow under yonder tree; My cow says "moo, moo"; My pig says "griffy, griffy"; My hen says "shim-my-shack, shim-my-shack"; My goose says "quaa quaa"; My duck says "Quack,quack"; My cat says "fiddle eye fee"

I bought me a horse; My horse pleased me; I fed my horse under yonder tree; My horse says "Neigh, Neigh"; My cow says "moo, moo"; My pig says "griffy, griffy"; My hen says "shim-my-shack, shim-my-shack"; My goose says "quaa quaa"; My duck says "Quack, quack"; My cat says "fiddle eye fee"

I got me a wife; My wife pleased me; I fed my wife under yonder tree; My wife says "Nag, nag"; My horse says "Neigh, Neigh"; My cow says "moo, moo"; My pig says "griffy, griffy"; My hen says "shim-my-shack, shim-my-shack"; My goose says "quaa quaa"; My duck says "Quack, quack"; My cat says "fiddle eye fee"


Het liedje dat deze keer door de Duitse bas-bariton Thomas Quasthoff (1959) wordt gezongen, heb ik in onderstaand filmpje min of meer gevisualiseerd.


I bought me a cat from E Veldkamp on Vimeo.

donderdag, november 30, 2017

eerbetoon aan het bruine café


In het verleden, zeg maar in mijn Amsterdamse periode, frequenteerde ik vaak een bruine kroeg met een bezoekje. Samen met studiegenoten, vrienden en collega's kenden we tientallen bruine café's in de binnenstad. Tijdens mijn studietijd kwamen we vaak in café 't Hooischip nabij de Blauwbrug en de Academie van Bouwkunst. Later kwam ik regelmatig in café's als 'de Doffer' in de Runstraat, café 'de Eland', 'de Pieper' en 'van Puffelen' aan de Prinsengracht, café 'de Pels' in de Huidenstraat, café 'de Looier' aan de Looiersgracht, café 'Hoppe' aan het Spui, literair café 'de Engelbewaarder' aan de Kloveniersburgwal, café 'het Gebed' in het Gebed zonder End, café 'Welling' achter het Concertgebouw, café 'Hegeraad' aan de Noordermarkt en nog meer, maar voor nu laat ik het hier maar even bij. Voornamelijk in café 'Hegeraad', een authentiek Jordaans stamkroegje met nog perzische kleedjes op de tafels, komen we met een stel oude vrienden, het z.g. 'Herenleed' clubje, nog vrij regelmatig samen.

Ik kwam eigenlijk tot mijn ontboezemingen over ruim twintig jaar cafébezoek in onze hoofdstad door het boekje 'Volledige vergunning' van Midas Dekkers. Bioloog Dekkers stelt dat de mens eigenlijk een soort holbewoner is. Mensen voelen zich het lekkerst als ze met z'n allen in een gezellig hol zitten, met getemperd licht. We hadden de lamp nog niet uitgevonden of we vonden de schemerlamp uit. Als je wilt weten wat mensen gelukkig maakt, moet je volgens hem kijken naar wat gelukkige mensen doen. Die hebben niet alleen thuis een gezellig holletje gebouwd, maar zitten ook vaker dan gemiddeld in een bruin café, waar ze een soort vrede met het leven hebben ontdekt. Troost is volgens Midas Dekkers de belangrijkste functie van het café, het is een zalfje voor het aardse tranendal waarin wij verkeren.

Ietwat gechargeerde opvattingen van Midas Dekkers, denk ik, maar ik ga daarin toch een heel eind met hem mee. Want wat is er nou mooier dan met vrienden een pikketanisje pikken in een sfeervol bruin café!

dinsdag, november 28, 2017

vissende IJsvogel in onze tuin


Toen ik vanmorgen een poosje uit het raam zat te staren, zag ik ineens een IJsvogel vanuit onze vijver een visje opduiken. Prachtig hoe die dat deed, eerst een stukje omhoog en toen loodrecht omlaag de plomp in, om er vervolgens met een visje in z'n snavel met dezelfde rotgang weer uit te komen. Voordat ie het visje bij de kop nam om door te slikken, werd het eerst een paar keer flink tegen de stenen gemept. Middels allerlei natuurfilms die we nogal eens op tv te zien krijgen, zijn we wel het één en ander gewend, maar live had ik nog nooit een IJsvogel zien foerageren. Best bijzonder om dat dan in je eigen tuintje voor het eerst te beleven!

zaterdag, november 25, 2017

PAVANE in de Catharinakapel.


Kleinkoor 'Pavane' gaf vanmorgen in de Catharinakapel tijdens het koffieconcert weer een mooi staaltje zangkunst weg. Dat het in de smaak viel was aan het publiek, dat in volle getale was komen opdraven, goed te merken. En ook de intermezzo's van de jonge pianist Daniel Snaterse waren prachtig. Koffieconcerten in de Catharinakapel, een gratis inloopfenomeen tijdens de drukke zaterdagmarkt op het Kloosterplein, heel mooi!


Pavane 25-11-'17 from E Veldkamp on Vimeo.

donderdag, november 23, 2017

heupprothesiologies avontuur


Een gewrichtsvervangende heupoperatie kun je eigenlijk nog nauwelijks een avontuur noemen, hoewel geen enkele operatie natuurlijk risicoloos is. In St. Jansdal doen ze er gemiddeld bijna 30 per maand. Gewrichtsvervangende heupoperaties zijn in zekere mate in de loop der jaren min of meer standaardoperaties geworden.

De eerste pogingen het heupgewricht te vervangen en een oplossing te bieden voor de klachten van de patiënt, dateren van rond 1900. Toen werden de eerste gedocumenteerde experimenten gedaan door ene Sir Robert Jones. Hij probeerde het aangedane gewricht te beplakken met een klein laagje goud om het oppervlak te herstellen en het gewricht weer goed in elkaar te laten passen. Het resultaat was praktisch nihil. Vanaf 1923 experimenteerde ene Smith-Peterson met heupprothesen gemaakt van glas. Deze prothesen braken binnen enkele maanden. Desalniettemin waren dit de eerste belangrijke stappen naar de ontwikkeling van de huidige heupprothesen, en werd hierna gezocht naar meer duurzame materialen om heupprothesen van te maken. Verschillende combinaties en materialen werden getest. De eerste echt succesvolle heupprothese was een metaal-op-metaal verbinding en werd ontworpen door dokter McKee. In eerste instantie waren de resultaten zeer goed. Patiënten konden weer goed lopen en er waren relatief weinig problemen met pijn. Het grote probleem was echter dat deze prothesen na verloop van tijd los lieten. Hier werd een z.g. botcement voor ontwikkeld, en dit resulteerde in een ware revolutie in de heupvervanging. De ontwikkeling van de heupprothesen heeft in de loop der tijd een enorme groei doorgemaakt. Er zijn veel veelbelovende nieuwe technieken op de markt. Hechting van de steel van de heupprothese en heupkom zijn verbeterd door het gebruik van verschillende soorten coating in plaats van hechting met cement, zoals het hydroxi-apetiet (een bestanddeel van menselijk bot). Dit bevordert de groei van het eigen bot aan de prothese. Ook andere coatings, zoals poro-coat (kleine bolletjes waarin het bot groeit) zijn zeer succesvol gebleken.

De ontwikkelingen in de heupprothesiogie staan natuurlijk niet stil, en dat is maar goed ook want door de vergrijzing zullen steeds meer mensen klachten gaan ontwikkelen in het bewegings- en ondersteuningsapparaat. Er zouden wel eens gouden tijden kunnen aanbreken voor orthopeden en aanverwante specialismen. Het zij zo, maar voor het zover is wens ik Joke morgen veel liefs en sterkte toe in haar heupprothesiologies avontuur, met natuurlijk een alleszins goed resultaat!

woensdag, november 22, 2017

plein achter de wolkenkrabber


De driehoek achter de Wolkenkrabber. 
Het rustige, in de vorm van een gelijkbenige driehoek gevormde Merwedeplein achter de z.g. Wolkenkrabber, wordt aan de lange zijden begrensd door hoge identieke woonblokken met diepe trapportieken, die uitkomen op stenen buitentrappen. De in de jaren twintig, begin jaren dertig gebouwde woonblokken zijn ontworpen door architect Jan Frederik Staal (A'dam, 1879-1940). Hij sloeg, als architect van de Amsterdamse School, met dit licht, strak en symmetrisch ontworpen project een brug naar de Nieuwe Zakelijkheid in de Nederlandse architectuur. Het immer fraaie Merwedeplein is ook bekend geworden door Anne Frank die daar, voor ze onderdook in het Achterhuis aan de Prinsengracht, op nummer 37 op 2 hoog heeft gewoond van 1933 tot 1942.

In deze architectonische parel van Jan Frederik Staal, waar onze vrienden Hans en Margje al sinds begin jaren zeventig met veel plezier wonen, kwamen we onlangs weer eens samen met een vriendenclubje om te eten en te ouwehoeren over van alles en nog wat. Dat doen we één keer per jaar al zolang ze daar wonen, deze keer waren we met z'n elfen, en allemaal liefhebbers van Bacchus, een hele klus. Maar H en M draaien er hun hand niet voor om, er was meer dan voldoende en het was lekker, maar bovenal weer bijzonder genoeglijk!

dinsdag, november 21, 2017

Tolhuis, centrum van vermaak


'Het Tolhuis' aan de Buiksloterweg in Amsterdam-Noord is ooit gebouwd om tol te heffen van schepen die gebruik maakten van de in 1600 gegraven Buikslotertrekvaart om handel te drijven met dorpen als Nieuwendam en Buiksloot. Toen een paar eeuwen later, begin negentiende eeuw, het Noordhollandsch Kanaal werd geopend, nam de bedrijvigheid daar flink toe en ging 'Het Tolhuis' ook als herberg fungeren. De plek ontwikkelde zich geleidelijk aan tot een centrum van vermaak, en wel in het bijzonder voor de mensen uit het stadsdeel aan de overkant van het IJ.

Een centrum van vermaak is 'Het Tolhuis', dat in de loop der jaren nog diverse veranderingen heeft ondergaan, tot op de dag van heden gebleven. Afgelopen zaterdag hebben we met oude vrienden in deze, in neorenaissance stijl opgetrokken ambiance, welke met de zuid- en westzijde zo prachtig op het IJ is georiënteerd, een leuk verjaardagsfeestje gehad. Lekker gegeten, gedronken, geouwehoerd en gedanst op de meeslepende muziek van 'Les Fleurs du Nord'. Een band met covers en eigen werk, en van alle markten thuis, folk, wereld, pop noem maar op. Goeie zangeres, en een in mijn ogen en oren aan virtuositeit grenzende beheersing van gitaar, cello, viool, accordeon en nog een paar instrumenten, prachtig!

zondag, november 19, 2017

landschap, bron van inspiratie


In de tentoonstelling 'Expedition Nature' in het CODA Museum in Apeldoorn is het landschap voor de kunstenaars de bron van inspiratie. De in diverse disciplines werkzaam zijnde kunstenaars belichten het landschap uiteraard op hun eigen manier. De één benaderd het wetenschappelijk, de ander meer documentair en weer een ander manipuleert er een eind op los.

In een aardig deel van 'Expedition Nature' is werk van Karin Bos (Rijswijk, 1966) te zien. Zij onderzoekt en toont in haar schilderijen a.h.w. de relatie tussen mens en landschap. Sprookjesachtige, maar vooral ook vervreemdende en verontrustende landschappen, niets is wat het lijkt. De verscheidenheid in haar werk gaat alle kanten op, maar als rode draad in haar werk laat ze de machtsverhoudingen in de samenleving zien. Een thema dat we in alle toonaarden trouwens ook veel in de werken van de overige 18 deelnemende kunstenaars van 'Expedition Nature' terugzagen.

Weer een bijzondere tentoonstelling in het mooie CODA Museum!

maandag, november 13, 2017

een Everzwijntje op het menu


Uit de rug van een hele ouwe keiler.
Zaterdagavond hebben we in een leuk restaurantje ergens in het grote donkere bos een everzwijntje gegeten. Niet zo onbescheiden als onze grote vrienden Asterix en Obelix natuurlijk, die draaien hun hand immers niet om voor een zwijntje meer of minder, nee gewoon een stukje van ongeveer 150 gram. Geen stoofvlees in een potje dus, maar een tournedos, want die bevat geen pezen en is van zichzelf al mals. Daar staat de uit de rug van het zwijntje gesneden tournedos immers om bekend. Een 'tournedos van everzwijn in rode wijnsaus met rode kool en gebakken aardappelen' stond op het menu. Het was gezellig druk in het restaurant, alle tafeltjes waren bezet. Ik zag links en rechts mensen smullen van al het goede dat ze hier kregen aangeboden, en verheugde mij erg op wat komen ging. Lang hoefden we gelukkig niet te wachten, het zag er heerlijk uit, precies zoals we ons hadden voorgesteld. Echter het aansnijden gaf me al te denken, en toen ik een hap nam leek het wel of ik op een schoenzool zat te knagen. Beetje overdreven, dat wel, maar toch verre van mals! Gelukkig was ik in goed gezelschap, ik heb mijn etentje dan ook niet laten vergallen door het feit dat ik zeer waarschijnlijk een tournedosje van een hele ouwe keiler zat te verorberen!

zaterdag, november 11, 2017

't gaat om verbeeldingskracht


Onlangs in Kunsthal Kade in Amersfoort 'Vuur' gezien, een overzichtstentoonstelling van het werk van beeldend kunstenaar Maria Roosen (Oisterwijk, 1957). Een bijzondere tentoonstelling, veel borsten, billen, piemels en spermatozoïden, allemaal van glas. Niet pornografisch maar een oeuvre over leven, dood en vruchtbaarheid. Niet zo simpel allemaal, ze doet dan ook sterk een beroep op onze verbeeldingskracht, want daar gaat het per slot van rekening om in het leven. Om het oeuvre van Roosen beter te leren begrijpen, verwijst ze naar 'De rijke bramenplukker', een sprookje van Godfried Bomans (1913-1971) dat hij in 1947 schreef.

De rijke bramenplukker leefde lang geleden diep in het bos, en dacht dat hij de enige mens op aarde was. Op een gegeven dag klopt een reiziger aan de deur voor een overnachting waarvoor hij wil betalen. Als de bramenplukker van de schrik bekomen is, zegt hij dat dat niet hoeft, want hij is al rijk genoeg. Hij vertelt de verbaasde reiziger over zijn velden vol diamanten en parels, over zijn paleis met spiegels en zalen, en grote zuilen, en over plafonds van bewegend mozaïek. Dat wil de reiziger natuurlijk ook allemaal wel hebben, en hij haalt er gelijk nog meer mensen bij. Als ze even later allemaal voor zijn deur staan, vertelt de bramenplukker dat ze geluk hebben, want hij heeft nog nooit zoveel parels gezien als vandaag. Ze keken zich allemaal een slag in de rondte maar zagen niks, ze misten de verbeeldingskracht van de bramenplukker. De parels en diamanten bleken dauwdruppels te zijn, de zuilen bomen, de spiegels meren en het bewegende plafond de sterrenhemel. De mensen werden toen zo giftig dat ze de bramenplukker acuut hebben opgehangen.

Goed, verbeeldingskracht dus, daar gaat het om in het leven. Helemaal mee eens, maar iedereen heeft natuurlijk wel in meer of mindere mate z'n eigen verbeeldingskracht. Ik vond het verhelderend, dat ik met het sprookje van de rijke bramenplukker een beetje op weg geholpen werd om al die frivole en wulpse uitingen over leven, dood en vruchtbaarheid, waarin zij vuur als de verbindende factor ziet, enigszins te kunnen duiden. Dat mijn verbeeldingskracht evengoed toch nog ontoereikend is om het werk van Roosen goed te begrijpen maakt ook eigenlijk niet uit. Wat ik mij wel heel goed kan voorstellen is, dat het werken met glas een boeiend fenomeen is. Dat je met behulp van een stel zwetende glasblazers een mooie tentoonstelling kan samenstellen van jou werk, en er een goed verhaal bij hebt. Hoe dan ook, de kunst van Maria Roosen stemt mij sowieso tot nadenken, en dat is één van de belangrijkste criteria in de kunst!

vrijdag, november 10, 2017

Een prestigieuze dependance.


Een bezoek aan het Louvre, oorspronkelijk een paleis maar nu een van de grootste en meest bezochte musea in de wereld in het centrum van Parijs, is een must voor kunstliefhebbers. Enkele van de bekendste werken in het Louvre zijn o.m. de Mona Lisa en de Venus van Milo. In de drie vleugels van het voormalige paleis worden duizenden kunstwerken en voorwerpen tentoongesteld van de oudheid tot in de 19e eeuw. Het huidige Louvre werd in diverse fases gebouwd, maar oorspronkelijk was het een 12e eeuws fort dat in de 14e eeuw werd verbouwd tot een paleis. De meest recente wijziging van het Louvre is van 1989, toen een centrale entreepartij is toegevoegd in de vorm van een glazen piramide naar een ontwerp van de vermaarde Chinees-Amerikaanse architect I.M. Pei (Guangzhou, 1917). De alom geprezen niet meer weg te denken piramide in het Louvre complex, werd aanvankelijk met gemengde gevoelens bejegend vanwege het grote contrast met de klassieke gevels. Tot zover Louvre Parijs.

Maar wie had ooit kunnen bedenken dat het wereldberoemde museum in Parijs een dependance zou openen op een locatie in het zanderige Arabische Golfstaatje Abu Dhabi, ruim 5000 km ten oosten van Parijs. Het voor de hotemetoten afgelopen dinsdag reeds geopende Louvre Abu Dhabi, in het bijzijn van de Franse president Macron, gaat morgen, zaterdag 11 november a.s. officieel open voor het publiek. Een mooi hagelwit bouwwerk in een lege zandvlakte aan een azuurblauwe zee, waaraan 10 jaar is gewerkt. Een fabuleuze oase vol wereldkunst, die in de kasbah-achtige indeling, overspannen door een bijzonder geperforeerde stalen koepel met een diameter van maar liefst 180 meter, wordt tentoongesteld. Door de bijzondere opbouw van de stalen koepel sijpelt het zonlicht als door een bladerdak van palmtakken in een oase naar binnen, door de Franse architect Jean Nouvel (Fumel, 1945) zelf 'Rain of light' genoemd. Op zich al een kunstwerk van formaat, als het al niet het belangrijkste kunstwerk van het museum is!

Tot op heden heeft een bezoek aan het Arabische Golfstaatje me nooit zo getrokken, maar voor Louvre Abu Dhabi, de prestigieuze dependance van Louvre Parijs, zou ik met alle plezier een keer een uitzondering willen maken!

woensdag, november 08, 2017

Noordzee, dynamische habitat


'De stand van de Noordzee: behoorlijk gewond' las ik onlangs in Sir Edmund, de wekelijkse bijlage van de Volkskrant. Een interessant artikel van Cor Speksnijder over Tinka Murk (Harderwijk, 1959) hoogleraar mariene dierecologie en duiker dat mij intrigeerde. Al van jongs af aan trekken allerlei aspecten in en over de Noordzee mijn aandacht. Zie o.m. mijn stukjes 'varen op zee' van 2 maart 2006, 'Noordzee' van 3 november 2008, 'Klaverbank' van 8 oktober 2011, 'druk op zee' van 29 juli 2012 en 'Zeenatuurgebied Klaverbank!' van 14 mei 2015. En niet in de laatste plaats ben ik geïnteresseerd omdat ik er zo graag op zeil.

Centrale vraagstelling in de oratie die Tinka Murk onlangs hield bij haar inauguratie als hoogleraar mariene dierecologie aan de Wageningen Universiteit was: Hoe valt de wens om de natuur op de Noordzee beter te beschermen te rijmen met de alsmaar toenemende drukte op de Noordzee? Scheepvaart, visserij, olie- en gasboringen, windmolenparken, zandwinning, recreatie en noem maar op, vormen een uitdijende barrière voor de natuur op de Noordzee. Allerlei aspecten passeerden in haar oratie de revue, vervuiling, de bodemgesteldheid, de visstand en de verwachte veranderingen daarin, de invloed van windmolenparken op het zeeleven, de invloed van zandwinning op het ecosysteem en wat eigenlijk de grootste bedreigingen zijn voor de Noordzee.

Problemen te over, niet voor niets noemt Murk de Noordzee 'behoorlijk gewond'. Aan de andere kant klonken er ook positieve geluiden. De bodemgesteldheid veranderd langzaam maar zeker in positieve zin door verbeterde vismethodes. Ook is de Noordzee is de afgelopen decennia schoner geworden, en hebben maatregelen om bepaalde vispopulaties op peil te houden hun vruchten al afgeworpen. Daarentegen trekken andere soorten weg en komen er nieuwe soorten bij, maar dat heeft alles met de opwarming van het klimaat te maken. En in en om die vervelende windmolenparken, waar er steeds meer van komen, tiert het zeeleven welig, vissen vinden er beschutting evenals krabben, kreeften, zeeanemonen en allerlei ongewervelde beestjes. En ook zandwinning levert op termijn meer aanwas van biomassa af op de bodem.

Prachtig, maar we zijn er nog lang niet. De grootste bedreiging die boven al dit moois blijft hangen is volgens Murk een overheidsbeleid waarbij geen grenzen worden gesteld. Onder die eeuwige vermaledijde economische druk wordt er wat bescherming van bepaalde gebieden betreft veel te vaak te veel water bij de wijn gedaan. Veranderingen kunnen we weliswaar niet tegenhouden, de Noordzee heeft altijd veranderingen ondergaan, en dat zal zo blijven. Zevenduizend jaar geleden stond de Noordzee zelfs nog droog en liepen er jagers rond. Maar waar we volgens Murk wel voor kunnen zorgen is dat we bij al ons doen en laten, het ecologisch systeem tijd en ruimte geven om zich te kunnen aanpassen. Om de Noordzee beter te maken is dat wel het minste waar we voor moeten zorgen!